De Regenboog


Kerkelijk centrum De Regenboog is sinds pasen 1999 in gebruik. De bouw werd begonnen met de legging van de eerste steen op 6 juni 1998 door de initiatiefnemer ds. T. Kruijswijk Jansen (predikant van de RGN van 1986 – 1994), het oudste gemeentelid, één van de jongste leden, de bouwmeester en een vertegenwoordiger van de jeugd. Dit heugelijke feit is vastgelegd op de eerste steen aangebracht in de vestibule van het gebouw, terwijl een oorkonde in de ontmoetingsruimte de details weergeeft. Vanaf Pasen 1999 zijn de kerkdiensten in het gebouw gehouden en de officiële overdracht door de Bouwcommissie aan de kerkenraad heeft op vrijdag 10 september 1999 plaats gevonden. Het gerealiseerde kerkelijk centrum bestaat uit een kerkzaal voor 250 personen, uitbreidbaar tot 350 zitplaatsen door het openen van een schuifwand naar de ontmoetingsruimte. Verder is er de jeugdruimte en een aantal bijruimtes plus voorzieningen. Het totale vloeroppervlak is ongeveer 800 m². Tussen september 2016 en september 2017 is er gewerkt aan een uitbreiding van de ontmoetingsruimte met een z.g. Tuinkamer. De keuken heeft een grondige vernieuwing ondergaan tot een moderne woonkeuken.

Kunst in de kerk

Van oudsher was men in de protestantse kerken heel sober wat kunst betreft. Men vond het ‘Woord’ belangrijker dan het ‘Beeld’. Dat laatste leidde maar af en was te ‘werelds’. Gelukkig is hierin de laatste jaren verandering gekomen en ziet men in de kunst ook mogelijkheden van geloofsbeleving en geloofsopbouw. Vandaar dat van die mogelijkheden gebruik is gemaakt om ook in onze nieuwe kerk kunst toe te passen.

Het beeld ‘De Ontmoeting’

Bij de ingang van de kerk ziet u aan uw linkerhand een beeld van onze eigen beeldhouwer Jan Bronkhorst. Het beeldhouwwerk beeldt Matth. 18 vers 20 uit: “waar twee of drie in mijn naam vergaderd zijn, daar ben ik”.

Het Karel Appel-raam

appel(1) De Hervormde Gemeente van Geleen-Oost bouwde in de jaren 1960- 1961 een kerkgebouw dat als naam kreeg de ‘Kruiskerk’. De architect van het gebouw had veel bewondering voor het werk van de (toen) jonge kunstenaar Karel Appel. Door zijn bemiddeling kreeg Karel Appel de opdracht een glasmozaïek in staal voor de kerk te maken. Het werd vervaardigd bij Van Tetterode Glasobjecten in Amsterdam. De afmeting is 304 cm x 186 cm. Het raam werd in een zijwand van de kerk opgenomen. Het behoort inmiddels tot de gewaardeerde werken van Karel Appel en heeft ruime bekendheid, ook internationaal. Toen de Kruiskerk vervangen moest worden door een nieuw gebouw werd besloten het raam niet meer te plaatsen, maar te verkopen aan de ‘Maatschappij van Welstand’. Deze op haar beurt stelde het raam beschikbaar voor de nieuw te bouwen kerk in Nuenen. Daar kon men het uitstekend toepassen, omdat vanaf het eerste ontwerp met de plaatsing rekening gehouden kon worden, n.l. in de inpandige achterwand boven het balkon. Het is daar zichtbaar vanuit de kerkzaal, de ontmoetingsruimte en de wandelgang op de verdieping. Het raam beeldt niet iets speciaals uit en wordt dan ook officieel aangeduid als ‘zonder titel’. Het heeft hoofdzakelijk een decoratieve functie. Het is in meerdere opzichten een boeiend geheel. Allereerst de duidelijke kleuren, uitgevoerd via een flonkerend glasprocédé. Dan de vormen van de kleurvlakken, die een dynamisch beeld vormen. Door de speciale plaatsing van het raam aan de zuidzijde en de bereikbaarheid van het daglicht spelen licht en zon een steeds wisselende rol. We zijn er trots op om in het dorp van ’s werelds bekendste kunstschilder van Gogh een kunstwerk te hebben van een eveneens wereldberoemde Nederlandse kunstenaar, Karel Appel.

De ramen in het liturgisch centrum

Dit is een door ons zeer gewaardeerde schenking van de R.K. parochies van Nuenen, de H.Lambertus uit Nederwetten en de St. Clemens uit Gerwen. Aan het ontwerp werkten, behalve onze eigen PGN-ontwerper Elbert Kamphorst, ook enkele vertegenwoordigers van die parochies mee. De ramen zijn links en rechts van de centrale muur op het liturgisch centrum geplaatst. Zij zijn uitgevoerd in gezandstraald glas. Het linkerraam symboliseert de Oecumene, de toenadering tot en de verbondenheid met onze Rooms-Katholieke broeders en zusters. Deze toenadering wordt gesymboliseerd door twee scholen vissen die elkaar naderen en door een symbolische barrière heen breken. Het rechterraam symboliseert de ontwikkeling van de mens en zijn geloof. Onderaan verkeert dit alles nog in een embryonaal stadium, maar gaande weg krijgen wij en ons geloof vorm. De vlammen en de duif symboliseren de geest van God, zonder wie ons geloof onvruchtbaar zou blijven. Dwars door dit alles heen slingert zich onze levensweg, die bovenaan, eindigt in God.

Het metaalplastiek

Op de centrale wand van het liturgisch centrum hangt een lineair uitgevoerd metaal-plastiek waarin diverse symbolen verwerkt zitten. Het geheel vormt een naar boven toe gerichte open, ontvangende vorm. Vanuit deze open vorm ontstaat een dynamische beweging, die zowel van boven naar beneden als van beneden naar boven loopt. Verder zitten er elementen van de regenboog in verwerkt, symbool van vergeving en genade. Onderaan ziet u een vogelachtige vorm. De vogel speelt in sommige bijbelverhalen een belangrijke rol. Denkt u b.v. maar aan de raaf in het zondvloedverhaal, symbool van nieuwe kansen of de duif als symbool van Gods Geest, die met kracht wordt uitgestort over een ieder die er voor open staat.

Het liturgisch meubilair

Bij het ontwerpen van de liturgische meubelen is uitgegaan van de lijnen en vormen die in het kerkgebouw voorkomen. Op deze wijze vormen gebouw en liturgisch meubilair een visuele eenheid. Wij geven U een beschrijving van de diverse onderdelen: a. de liturgische tafel Kenmerkend voor deze tafel zijn de schuine lijnen die in het centrum van de tafel samenkomen: de plaats waar de Bijbel haar plek heeft. Op deze wijze wordt de blik van de kerkganger automatisch naar “het Woord” gericht en symboliseert zo de centrale plaats die zij in de gemeente inneemt. b. de lezenaar In de lezenaar komt de vormgeving van het gebouw nog het meest tot uiting. Opvallend is hier de overeenkomst met de ingangspartij van het gebouw. Aan de verticale opening is in de lezenaar een horizontale toegevoegd. Samen vormen zij het kruisteken. c. de doopvont De doopvont bestaat uit drie driehoekige elementen die samen de doopschaal omhoog houden. In de doopschaal komt een verbeelding van de vis voor als symbool van Christus. Op deze wijze vormen de doopvont in het van Goghkerkje en in de Regenboog een eenheid. Bij de doopschaal horen nog een doopkan en een kaarsenstandaard voor de paaskaars. Alledrie de elementen zijn uitgevoerd in keramiek en vervaardigd door de Mierlose kunstenaar Bert Kruidering.

Het orgel

orgel Sinds het najaar 2014 beschikt de Protestantse Gemeente Nuenen (PGN) over een mechanisch pijporgel met 2 manualen en vrij pedaal. Het is een Verschueren / Steendam orgel, in 1983 gebouwd door orgelmaker Verschueren en in de loop van 2014 gereviseerd en uitgebreid door orgelmaker Steendam, dit laatste onder advies van ir. Henk Kooiker. Het orgel werd feestelijk ingewijd in de kerkdienst van 9 november 2014. Wilt u meer details en horen hoe het klinkt, klik dan hier.

De gedenkhoek

Reeds lang bestaat de wens om in de kerk een plaats te hebben waar b.v. gemeenteleden hun overleden familieleden kunnen gedenken. Daarnaast is er ook een plaats die als herinnering aan de dopelingen bedoeld is. Hiervoor is aan de achterzijde van de kerk-zaal een ruimte gemaakt voor twee “gedenknissen”. Op natuurstenen platen liggen twee gedenkboeken, waarin respectievelijk de namen van de overleden gemeenteleden en die van de dopelingen geschreven staan. Boven ieder gedenkboek hangt een schilderij van onze voormalige predikant Ruud Bartlema. Hierbij behoort de volgende toelichting:
De naam van het Kerkelijk Centrum van de PGN ‘De Regenboog’ is ontleend aan het verhaal van Noach en het verbond van God met Noach en zijn zonen. Het is de uitdrukking van Gods trouw en bescherming aan het ganse menselijke geslacht. Het is daarom goed dat in de panelen van Doop en Gedachtenis het symbool van de regenboog en daarmee van Gods trouw aan mensen een centrale plaats inneemt.

Het dooppaneel

bartlema Het dooppaneel is gemaakt door één van onze voormalige predikanten: Ruud Bartlema. Het dooppaneel verbeeldt een aantal motieven, zoals het verhaal van de ark, regenboog en doortocht, waarbij de hand in het midden de Hebreeuwse letter Beth laat zien. Deze letter is voor mij wat betreft de doop belangrijk. Het is de eerste letter van de Tenach en daarmee van de gehele Bijbel. De betekenis van de letter is HUIS. Dat is dus het eerste wat telt: wij hebben als mens een plaats om te wonen. Het is ook de beginletter van het woord Berith, Verbond. Dat sluit naadloos aan bij het Regenboogmotief. De hand is in meer dan een opzicht een belangrijk symbool. In het Hebreeuws is hand Jod of Jad. Jod is tevens de naam voor de kleinste letter uit het Hebreeuwse alfabet en de Jod vormt op zijn beurt weer de beginletter van de Gods-naam JHWH. De beginletter staat weer programmatisch voor het hele woord, waardoor de hand het centrale beeld voor de Eeuwige mag vormen. Het is de hand die het water van de zee splijt tot een doortocht en die ook de Ark (in het Hebreeuws Te’ba, dat is doodskist) optilt uit de vloed en maakt tot een plaats waar het leven bewaard wordt. Compositorisch gezien. sluit de vormgeving aan bij het tweede paneel en zit er in de Regenboog een verwijzing naar het raam van Appel.

Het gedachtenispaneel

Het gedachtenispaneel vertrekt theologisch gezien vanuit Psalm 103: “Zegen mijn ziel de Eeuwige, die uw leven verlost van de groeve” (vers 4). Het zijn weer twee handen die met het scheppingslicht de mens aanraken en van binnenuit verlichten. De mens wordt hier als het ware uit de aarde omhoog getrokken en weer op zijn of haar voeten gezet. Het licht speelt in dit paneel een belangrijke rol. De kleuren lopen van diep donkerblauw-violet naar oker en geel-wit. Er zijn reminiscenties aan Ezechiël 37, het magistrale opstandingsdocument uit de Tenach. De ronde boogvormen herhalen de motieven van de regenboog, het Verbond tussen de Eeuwige en de mensen.

De kerkklok

Bij een kerk hoort een klok, die de gelovigen oproept om naar de kerk te komen. Dat axioma was reden om de ingangspartij van de Regenboog zo te ontwerpen, dat het verhoogde gedeelte als klokkestoel zou kunnen dienen. Want, al was het in de begroting niet voorzien, eens zou er zeker een klok komen. Dat dacht de bouwcommissie en tot onze vreugde werd die verwachting niet beschaamd. Want ook ons – toen al ernstig zieke gemeentelid Baron van Hardenbroek ( in de gemeente alom bekend als Duco) vond dat een kerk zonder klok niet compleet is. En dus liet hij weten, dat hij graag aan de Regenboog een kerkklok wilde schenken. In overleg met de schenker en klokkengieter Koninklijke Eysbouts werd nagegaan welke klok zou kunnen worden opgehangen. Het werd een bronzen klepklok van 55 cm diameter en Duco gaf opdracht tot het gieten van de klok. Als randversiering boven-aan de klok koos hij een rondgaande Epifanie-voorstelling. Als herinneringsrandschrift onderaan liet hij aanbrengen:
“Ik ben geschonken door de Ned. Herv. G.G.D. Baron van Hardenbroek van de Kleine Lindt aan de Regenboog, de nieuwe kerk, die door de PGN is gebouwd en in gebruik genomen met Pasen 1999.”
In het midden van de klok liet hij de tekst gieten:
“Ik ben de Weg, de Waarheid en het Leven”
En met Koninklijke Eysbouts werd afgesproken dat de klok tijdig zou worden opgehangen, zodat hij de eerste dienst in de Regenboog kon luiden. Helaas heeft de schenker de roep van zijn klok niet meer kunnen horen, want toen de eerste dienst in de Regenboog werd gehouden op 1e Paasdag 1999 en de klok voor het eerst werd geluid, was baron Duco van Hardenbroek reeds overleden. De Epifanievoorstelling is de aanbidding van het kind Jezus door de drie Koningen, als symbool voor de komst van Christus op aarde. Onder de Epifanierand staat het bij klokken gebruikelijke ‘merk’ van de gieter:Eysbouts Astensis Me Fecit Anno MCMXCIX. De klok is een klepklok, dat is een klok waarvan bij het luiden de klepel wordt bewogen en de klok stil blijft hangen. Bij een luidklok, waarbij de klok wordt heen en weer bewogen, zijn (door de veel grotere massa van de klok dan van de klepel) de op de klokkestoel optredende krachten veel groter dan bij een klepklok. Daarom is voor een klepklok gekozen.